HISTORIE

DE RTM

in een notendop

De NV Rotterdamsche Tramweg Maatschappij is ruim een halve eeuw de belangrijkste vervoerder geweest op de Zuid-Hollandse eilanden en Schouwen-Duiveland. Het bedrijf exploiteerde veerdiensten en beschikte over 235 kilometer aan tramspoor. Wie vanuit Burgh op de kop van Schouwen met de RTM reisde was al in vijf en een half uur in Rotterdam-Zuid! Maar de stoom- en dieseltrams van de RTM vervoerden niet alleen passagiers. Het bedrijf richtte zich ook op het transport van agrarische producten, vee en bouwmateriaal.

 
Na de Watersnoodramp boette de RTM aan betekenis in. Zuidwest Nederland was toe aan meer snelheid dan de tram kon bieden en door de aanleg van de Deltawerken werd het netwerk van veerdiensten en tramlijnen overbodig. In februari 1966 reed in een vliegende sneeuwstorm de laatste RTM tram tussen Hellevoetsluis en Spijkenisse. Het bedrijf was toen al omgevormd tot busmaatschappij. Na een fusie eind jaren zeventig hield de RTM op te bestaan, precies honderd jaar na de oprichting. 

HERINNERINGEN

Wat in die halve eeuw onveranderd is gebleven, is de basis van de organisatie: een toegewijde groep vrijwilligers. Alleen omdat alle taken – van penningmeester tot poetser, van stoker tot conducteur – worden uitgevoerd door onbetaalde krachten is het financieel mogelijk het RTM-museum in stand te houden en exploiteren.